Harry Goossens, Koos Aben en Drikus Schut, het vermetele driemanschap van Nederlands openingsklassieker, de Motocross der Azen, deden het dit jaar anders. De ervaring van deze mannen stond er borg voor, dat duizenden motorsportliefhebbers in St. Tonnis op de derde zondag in maart van het werk van de eerste garnituur van 's werelds motocross op circuit „de Hoef" konden genieten. Voor het eerst om niet alleen hun neus aan het starthek te laten zien, maar om ook een portie hogeschool- werk te vertonen met de bedoeling hoog in de eindrangschikking te geraken. Immers, in samenwerking met de Auto Moto Club Genk werd een Lentetrofee geschapen. De AMC Genk organiseert op haar circuit ,,de Horensberg- dam", de evenknie van Sint Anthonis in België. Door nu een extra prijzenschema, gerekend over beide ontmoetingen, in te stellen, verleidt men de topcoureurs om zich wel degelijk in te zetten voor de eindklassering.
Zo lieten wereldkampioen Bengt Aberg, de revelatie van
1969 Arne Kring, tweevoudig winnaar op „de Hoef"
Frans Sigmans én vorig winnaar Chris Hammergren het
achterste van hun tong zien om in de voorste gelederen te eindigen. Desondanks
moesten velen door pech afhaken en won outsider Vic
Allan de cross der Azen, nadat hij 's zaterdags tevoren in Engeland de
Televisie Cross had gewonnen. Lentetrofee-winnaar
werd België's oud-mijnwerker Jef Teeuwissen, die
verdiend de premie van f 1100,— mocht opstrijken; hij
had er per slot van rekening met een gebroken pink ook hard genoeg voor moeten
vechten. Zonder meer geslaagd vond iedereen deze vorm van organisatie dat
betekent waarschijnlijk een vaste formule voor volgende ren. Het publiek heeft
hierbij de meeste baat, want het kan verzekerd van zijn dat de groten strijd
leveren en dat wanneer zij uitvallen er ook een gegronde reden is. Geld
opstrijken in starten alleen is er niet meer bij, er moet geknokt worden voor
de zaak. In Frankrijk kent men het niet anders en het is de beste vorm om de
sport in leven te houden, strijd verzekerd dus, ook
van de groten; toch moest Arne Kring in Sint Anthonis tot twee keer toe het rennerskwartier opzoeken met
machinepech. Arne stond na de voorafgaande wedstrijd
in Genk gelijk met de latere winnaar Jef Teeuwissen had dus redelijke kans op
de vette hoofdprijs. Zijn landgenoot Aberg deed het aanvankelijk beter; hij won de eerste manche en toonde zich
in de tweede ook onovertrefbaar, Bengt stevende op
een glorieuze zege af in de Motocross der azen; twee ronden voor het einde
maakte zijn Husqvarna echter een onverwachte beweging na een knipgat en de
onfortuinlijke renner was niet bij machte na twee dagen intensief crossen zijn
machine in de hand te houden. Tot overmaat van ramp werd hij ook nog licht
aangereden door een bijzonder fel jagende Jaak van Velthoven, die vele frankskens in het vooruitzicht zag; moeizaam bracht de
Zweed zijn machine over de eindstreep, maar dit geintje deed hem diep duikelen
in het klassement. De razende Schot Vic Allan was degene die er het meeste
profijt van trok; jammer genoeg deelde deze niet mee in de pot van de
Lentetrofee. Overvloedig gevallen sneeuw had de inrichters van Genk doen
besluiten hun wedstrijd uit te stellen tot zaterdag voor Sint Anthonis. De verzekeringsmaatschappij vond het risico
onverantwoord.
|
Roger De Coster in actie in St. Anthonis. |
Allan, gecontracteerd voor
Genk, had echter voor die dag andere verplichtingen. In de ITV-Televisie-cross
won de Schot onbedreigd om daarna snel met het vliegtuig naar Nederland te
|
Frans Sigmans waagde dit seizoen zijn kansen
op de nieuwe Greeves. |
vertrekken; Greeves-importeur Frits Selling haalde hem van Schiphol en bracht hem naar circuit „de Hoef", waar Vic zijn tweede zege van het weekend zou boeken. Achter Aberg lag Teeuwissen lange tijd tweede in de eerste reeks; een slippertje gaf Allan echter de gelegenheid om de Belg te passeren en zo tweede te worden. Karsmakers schoof in de slipstream van de Schot mee, zodat Teeuwissen vierde werd; evenwel nog vóór zijn landgenoot Roger de Coster en het Bakelse idool Frans Sigmans. Allan had zich in de tweede manche opnieuw in een uitstekende positie gemanoeuvreerd; zelfs lag hij een paar ronden op de tweede plaats, maar moest toch uiteindelijk Belgié's hoop, van Velthoven, voor laten gaan. Daarachter ontspon zich een gevecht tussen Roger de Coster, Gerrit Wolsink en de Schot. Wolsink was in de eerste manche met een vastloper aan de kant komen te staan en wilde zich revancheren. Na het verdwijnen van Aberg greep de Hengeloér de derde plaats achter de beide Belgen. Vic Allan was vierde en dat bleek voldoende voor de eindoverwinning in de motocross der Azen. Beste Nederlander was Karsmakers, die zijn CZ naar een vierde plaats totaal stuurde. Opnieuw zegevierde de Belg Alois de Kort bij de zijspannen; de comming-man lijkt een waardig opvolger van Leon Liekens en één van de grootste kanshebbers voor de volgend jaar te verrijden wereldtitel voor zijspannen. Weliswaar raakte De Kort in de eerste manche wat achterop, nadat hij zijn zijspanpassagier had verloren, maar met een prachtige inhaalrace kwam Alois terug naar de tweede plaats en de zwart-wit geblokte vlag viel iets te snel om ook de Zweed Kuno Malmqvist nog te verschalken. Broer Dirkx had inmiddels in de vijfde ronde de strijd moeten staken na een losgeslagen carburateur; de kastelein lag toen in duidelijk winnende positie. Ondubbelzinnig nam Alois de Kort revanche in de tweede reeks; van start tot finish stuurde hij zijn Norton Wasp naar de overwinning. Daarmee nog eens zijn overwinning in Gemert onderstrepend. Kuno Malmqvist kwam duidelijk adem te kort, maar stelde zijn tweede plaats zeker. Het moest van Ben Snijder en Ben van de Goorbergh komen om de Nederlandse vlag dan nog iets te laten wapperen; kopstukken Broer Dirkx en Jan ten Thije stonden met pech aan de kant.